Regeling Taxi-dienst regio Den Haag
| Vastst./Wijz datum |
Bron |
Nummer |
Wijz. t.a.v. |
Inwerkingtr. datum |
| 25-09-98 |
IV |
12286/98 |
|
25-09-98 |
| 17-03-03 |
IV |
2003/795 |
Gehele tekst |
28-03-03 |
| 10-06-03 |
IV |
VV/2003/14.783 |
Ptn 7, 9; Aanvraagformulier;
Pt 10 Instructie |
01-07-03 |
| 09-06-05 |
SG |
S200500185817-5-2005 |
Pt 2 Aanvraaggerechtigden |
05-07-05 |
| 06-07-05 |
IV |
S2005005325 |
Gehele tekst |
08-07-05 |
1. Algemeen
- In de regio Den Haag bestaat een taxidienst uitsluitend bestemd voor het
verrichten van dienstreizen binnen deze regio door functionarissen als
vastgelegd in deze regeling.
- De regio Den Haag omvat de gemeenten Den Haag, Rijswijk,
Voorburg-Leidschendam, Wassenaar en het Marine Vliegkamp Valkenburg.
2. Aanvraaggerechtigden
Gerechtigd tot het aanvragen van de taxikaarten zijn:
- bij de Bestuursstaf:
opperofficieren en kolonels/kapiteins ter zee;
burgerpersoneel van Defensie met IBBAD-schaal 14 en hoger;
- bij de staven van de Operationele Commando's (inbegrepen Staf BDM), het
CDC en de DMO:
militairen met de rang van kolonel/kapitein ter zee en hoger;
burgerpersoneel van Defensie met IBBAD-schaal 14 en hoger;
voor zover zij geen dienstpersonenauto in persoonlijk
dienstgebruik hebben toegewezen gekregen.
3. Organisatie
- De Inspecteur Vervoerswezen (IV) is namens de Secretaris-Generaal (SG)
verantwoordelijk voor het vaststellen, uitgeven en bewaken van deze regeling.
- Met de uitvoering van de taxidienst conform de richtlijnen van de SG is de
Commandant van de Defensie Verkeers- en Vervoers Organisatie (C-DVVO) belast.
- Een door de DVVO gecontracteerd taxibedrijf voert de taxidienst in de
regio Den Haag uit.
- Naast het bewaken van de kwaliteit van de uitvoering van de taxidienst en
het correct doorbelasten van de deelbudgetten, is C-DVVO verantwoordelijk voor
een controle-regeling op de rechtmatigheid van de uitgevoerde ritten. Na het
melden door de DVVO van vermeend onjuist gebruik van de taxidienst neemt de IV
namens de SG, indien noodzakelijk, de in die situatie passende maatregelen.
- C-DVVO wijst voor de dagalijkse werkzaamheden die voortvloeien uit zijn
opdracht, bij zijn organisatie een taxidienstmanager aan.
- Binnen de Bestuursstaf, de staven van de Operationele Commando's
(inbegrepen de Staf BDM), en de staf CDC dient een taxidienstcoördinator te
worden aangewezen, die het contact initieert en onderhoudt met de
taxidienstmanager van de DVVO.
4. Aanvragen, verstrekken, vermissing en inleveren van
taxikaarten
- De in punt 2. genoemde aanvraaggerechtigden dienen via de daartoe binnen
hun organisatie aangewezen taxidienstcoördinator, een taxikaart aan te vragen
met behulp van het als bijlage opgenomen formulier.
- De taxidienstcoördinator verifieert deze aanvraag op basis van de in
punten 1. en 2. genoemde criteria alvorens deze aan de taxidienstmanager door
te zenden. Voor het bepalen van uitzonderingen op de criteria benadert hij de
IV. Zo snel mogelijk wordt na deze verificatie via de taxidienstcoördinator
aan gebruiksgerechtigde een taxikaart verstrekt.
- De verstrekte taxikaart is persoonlijk en dus niet overdraagbaar.
- De taxikaart wordt afgegeven voor de duur van de plaatsing. Na einde
functieduurvervulling dient de taxikaart door door gebruiksgerechtigde, door
tussenkomst van de taxidienstcoördinator, te worden ingeleverd bij de
taxidienstmanager. Aansluitend zal de taxidienstmanager de kaart blokkeren.
- De taxikaart is voorzien van een per deelorganisatie uniek nummer dat
bedoeld is voor de juiste doorbelasting.
- Bij vermissing van de taxikaart dient onverwijld de taxidienstcoördinator
op de hoogte te worden gebracht.
5. Uitzonderingsbepaling
Verzoeken tot verstrekking van een taxikaart waarbij niet wordt voldaan aan
de punt 1 en 2 genoemde criteria kunnen door zorg van de taxidienstcoördinator
voor akkoord worden voorgelegd aan de IV. De beslissing op dit verzoek zal door
de IV bekend worden gesteld aan de taxidienstcoördinator i.a.a. de
taxidienstmanager.
6. Controle op naleving / evaluatie regelgeving
- De taxidienstmanager stuurt elk kwartaal een overzicht van de in gebruik
zijnde taxikaarten aan de taxidienstcoördinatoren. Deze controleren de lijst
op correctheid en geven eventuele wijzigingen door aan de taxidienstmanager.
- De DVVO stuurt elk kwartaal een overzicht, opgesplitst naar
defensieonderdeel, van vermeende onrechtmatig uitgevoerde ritten, aan de IV.
- De DVVO verzorgt jaarlijks in overleg met de IV een analyse van de
uitgevoerde ritten met taxikaarten.
7. Gebruik van de taxikaart
- De taxikaart is uitsluitend bestemd voor dienstreizen binnen de regio Den
Haag.
- Het is niet toegestaan de taxikaart te gebruiken voor woon-werkverkeer.
- Een gebruiksgerechtigde kan tot uiterlijk 15 minuten voor het gewenste
vertrektijdstip een rit aanvragen bij de centrale van het taxibedrijf, onder
opgave van meldplaats en tijd, bestemming en taxikaartnummer.
- Een bestelde taxi zal tot maximaal 15 minuten na het opgegeven
meldtijdstip beschikbaar blijven. Indien de passagier na dit tijdstip nog niet
is verschenen, zal de rit als geannuleerd worden beschouwd.
- De gebruiksgerechtigde toont de chauffeur bij aanvang van de rit zijn
taxikaart. Aan het einde van de rit maakt de chauffeur een afleverbon, welke
door de gebruiksgerechtigde na controle op juistheid, voor akkoord dient te
worden getekend.
8. Bekendstelling
De taxidienstcoördinator stelt bij het aanbieden van de taxikaart aan de
gebruiksgerechtigde de wijze van gebruik bekend door het tenminste verstrekken
van de Instructie gebruik taxikaart (versie juli 2005).
Aan:
Defensie Verkeers- en Vervoersorganisatie
Sectie Operaties
Bureau Wegvervoer
t.a.v. Taxidienstmanager
MPC 53P
Postbus 3003
3800 DA Amersfoort
Aanvraagformulier taxicard
| Gegevens gebruiker |
| Naam, voorletters |
|
|
|
M / V |
| Rang en/of schaal |
|
|
Registratienummer |
|
| Defensie onderdeel |
CZSK |
CLAS |
CLSK |
KMAR |
BS |
DICO |
DMO |
ELCO/UKC : |
| Afdeling |
|
|
|
|
| Geplande datum einde functieduurvervulling |
|
|
|
|
| Telefoonnummer |
|
|
Faxnummer |
|
| E-mail adres |
|
|
|
|
Aanvrager verklaart te voldoen aan de eisen zoals gesteld in de Regeling
Taxidienst regio Den Haag, DP 40-10.
Handtekening:
Datum:
| In te vullen door de taxidienstcoördinator |
| Naam, voorletters |
|
|
|
| Functie |
|
|
M / V |
| Telefoonnummer |
|
Faxnummer |
|
| E-mail adres |
|
|
|
Taxidienstcoördinator verklaart, dat de toetsing op de rechtmatigheid van de
aanvraag heeft plaatsgevonden en voldoet aan het gestelde in de Regeling
Taxidienst regio Den Haag, DP 40-10.
Handtekening:
Datum:
Instructie gebruik taxikaart (uit te geven door de taxidienstcoördinator)
Versie juli 2005
1. U bent nu in het bezit gesteld van een taxikaart. Het gebruik van deze
taxikaart is aan strikte regelgeving onderworpen. Deze instructie heeft tot doel
u kort te informeren over de wijze van gebruik van deze kaart.
2. De taxikaart is uitsluitend bestemd voor dienstreizen binnen de regio Den
Haag. De regio Den Haag omvat de gemeenten Den Haag, Rijswijk,
Voorburg-Leidschendam, Wassenaar en het Marine Vliegkamp Valkenburg.
3. Het is niet toegestaan de taxikaart te gebruiken voor woon-werkverkeer.
4. De aan u verstrekte taxikaart is voorzien van een uniek nummer en is
strikt persoonlijk. Deze taxikaart is derhalve niet overdraagbaar.
5. De taxikaart wordt afgegeven voor de duur van uw plaatsing. Bij
overplaatsing bent u verplicht vanwege de interne verrekening, uw taxikaart in
te leveren bij de taxidienstcoördinator van uw oude organisatie-eenheid.
6. U kunt tot uiterlijk 15 minuten voor het gewenste vertrektijdstip een rit
aanvragen bij de centrale van het taxibedrijf onder opgave van meldplaats en
tijd, bestemming en taxikaartnummer. Het nummer van de firma die de taxidienst
uitvoert, is vermeld op de achterzijde van uw taxikaart.
7. Een bestelde taxi zal tot maximaal 15 minuten na het opgegeven
meldtijdstip voor u beschikbaar blijven. Indien u na dit tijdstip nog niet bent
verschenen, zal de rit als geannuleerd worden beschouwd. De kosten van de
geplande rit zullen echter wel in rekening worden gebracht.
8. Bij aanvang van de rit toont u de chauffeur uw taxikaart. Aan het einde
van de rit verstrekt de chauffeur een afleverbon. Deze dient u te controleren op
juistheid en, na akkoordbevinding, door u te worden getekend.
9. Per kwartaal vindt een controle op de rechtmatigheid van de uitgevoerde
ritten plaats.
10. De taxidienstcoördinator is uw aanspreekpunt bij problemen met het
gebruik van uw taxikaart of bij klachten over de uitvoering van de rit.
11. Bij vermissing van de taxikaart dient u onverwijld de taxicoördinator op
de hoogte te brengen.