Klik op het plaatje voor een vergroting
8120 Toelichting soort radiologische werkzaamheid
(zie punt 1424.b, 1434.b, 1443.f, 2115, 2261, 2262, en 2714)
8200 Registratie/informatieformulier voor kernmaterieel en toestellen (RIF) Df 3502004
Klik op het plaatje voor een vergroting
(zie punt 1551, 1553, 1554, 2213, 2263, 2412, en 2713)
Klik op het plaatje voor een vergroting
(zie punt 1552)
Klik op het plaatje voor een vergroting
8510 Erkende cursussen
8511 Het met goed gevolg voltooien van een opleiding op grond van de "Tijdelijke Regeling erkenning opleidingen deskundigen radioactieve stoffen en toestellen" leidt tot een van de hierna genoemde niveau's van deskundigheid op het gebied van de stralingshygiëne.
8512 Niveau 5A
Deskundigheid met betrekking tot het gebruik van ingekapselde bronnen en röntgentoestellen met gering risico. Bijvoorbeeld het hanteren van vloeistofniveau- en diktemeters, ijkbronnen voor radiologische meetapparatuur, en oefenbronnen, alsmede het installeren, vervangen, en verwijderen van rookmelders.
8513 Niveau 5B
Deskundigheid met betrekking tot het gebruik van ingekapselde bronnen en open stoffen met gering risico.
8514 Niveau 4A
Deskundigheid met betrekking tot het gebruik van alle typen röntgentoestellen alsmede van ingekapselde bronnen en overige toestellen voor zover deze een matig risico met zich meebrengen. Bijvoorbeeld het hanteren van oefenbronnen, vochtigheids- en dichtheidsmeters, en bronnen in meetbanken.
8515 Niveau 4B
Deskundigheid met betrekking tot het gebruik van ingekapselde bronnen en open stoffen met matig risico.
8516 Niveau 3
Deskundigheid met betrekking tot het gebruik van bepaalde stralingsbronnen. Dit niveau is vereist voor het toezichthouden op het omgaan met open stoffen, waarmee mag worden gewerkt in een zogenaamd C-laboratorium, voor het beoordelen van proefopstellingen, interpretatie van meetresultaten op het gebied van de stralingsbescherming en het toezichthouden op of leiding geven aan het personeel dat onderhouds- en reparatiewerkzaamheden uitvoert aan deze stralingsbronnen.
8517 Niveau 2
Aanzienlijk grotere deskundigheid dan vereist voor niveau 3 voor het gebruik van alle typen stralingsbronnen.
8518 Niveau 1
Deskundigheid op vakgebied van internationaal erkend niveau. Opleiding op dit niveau wordt in Nederland niet gegeven.
8519 Nota Bene
De kennis en ervaring voor een hoger niveau sluit die voor een lager niveau in, met dien verstande dat niveau 4A niveau 5A insluit en niveau 4B niveau 5B.
8521 Door bureau SBD wordt op verzoek van de commandant voorlichting / instructie over "Stralingshygiëne" in de ruimste betekenis van het woord gegeven. Deze voorlichtingssessies variëren afhankelijk van het onderwerp en beoogde diepgang in tijdsduur en wordt vooraf afgestemd op de behoeftes van de betreffende eenheid.
8522 De Joint NBC school verzorgt de cursus 6A 'Behandelaar Kernmaterieel' en faciliteert de erkende cursus stralingshygiëne niveau 5A.
8523De school voor NBCD & BV verzorgt voor Arbo medewekers de cursus Bedrijfsveiligheid Milieu en Arbo, waarin het onderwerp stralingshygiëne kort wordt besproken.
8524Opleiding en Trainingscentrum Logistiek verzorgt cursussen voor Arbocoördinatoren en Integrale Veiligheidszorgfunctionarissen.
8530 Algemeen
8531Aan sommige cursussen zijn practica verbonden, zodat de cursisten praktische vaardigheden kunnen opdoen. Enkele cursussen worden afgesloten met een examen om de kennis van de kandidaten te toetsen.
(zie punt 1711, 3225, en 4225)
8600 Veiligheidsinstructie
Gereserveerd
(zie punt 1931, 2331.a, 2421.a, 2531.a, en 3122.g)
8710Waarschuwingsbord met als voorbeeld het bord met de tekst ‘RADIOACTIEVE STOFFEN’ en ‘RÖNTGENSTRALING’
Klik op het plaatje voor een vergroting
De achtergrond is geel en de lijnen, figuur en tekst zijn zwart.
8720 Verbodsbord betreden gecontroleerde zone
Klik op het plaatje voor een vergroting
(zie punt 2212)
Klik op het plaatje voor een vergroting
(zie punt 2311.d)
Overzicht van radioactieve nucliden in gebruik bij Defensie
| Symbool | Radionuclide/Stof | Activiteitsconcentratie | Totale activiteit |
| H |
Waterstof-3 of tritium (T) (inclusief OBT(2)) |
1E+6(1) | 1E+9 |
| Co | Kobalt-60 |
1 | 1E+5 |
| Ni | Nikkel-63 | 1E+5 | 1E+8 |
| Kr | krypton-85 | 1E+5 | 1E+4 |
| Sr | Strontium-90+(3) | 1E+2 | 1E+4 |
| Cs | Cesium-137 | 1E+3 | 1E+7 |
| Pm | Promethium-147 | 1E+4 | 1E+7 |
| Rh | Rhenium-187 | 1E+6 | 1E+9 |
| Th | Thorium-232+ | 1 | 1E+3 |
| Am | Americium-241 | 1 | 1E+4 |
| Ra | Radium-226+ | 1 | 1E+4 |
| U | U-natuurlijk en U-verarmd sec(3) | 1 | 1E+3 |
1. 1E+6 is de verkorte notitie voor 1 x 106 (= 1.000.000)
2. OBT: organisch gebonden tritium (bv tritiumverf)
3. "+" en "sec" betekent dat de dochternucliden zijn meegerekend bij de
risicobepaling, maar bij evenwicht alleen getoetst wordt aan de waarde van het
moedernuclide
(zie punt 5123)
Klik op het plaatje voor een vergroting
(zie punt 5321.c)
Toelichting:
I-wit: stralingsniveau op het oppervlak van het collo minder of gelijk aan 5
microsievert per uur, transport index = 0
II-geel: stralingsniveau op het oppervlak van het collo tussen 5 en 500
microsievert per uur, bovendien het stralingsniveau op 1 meter afstand van het
collo kleiner dan 10 microsievert per uur, transport index = 0 – 1
III-geel: stralingsniveau op het oppervlak van het collo tussen 500 microsievert
per uur en 2 millisievert per uur, bovendien het stralingsniveau op 1 meter
afstand van het collo kleiner dan 100 microsievert per uur, transport index = 1
– 10
(zie punt 5433)

(zie punt 6164)
EHBO kaart inzake te nemen maatregelen bij een mogelijke besmetting met tritium
1. Algemeen
Het gestelde op deze kaart is alleen bestemd voor de behandelende arts/MGD van al het personeel dat met tritium in aanraking kan komen.
Tritium (T) is een radioactieve isotoop van het element waterstof (H). Het tritium kan voorkomen als getritieerd waterstofgas (HT), getritieerd water (HTO) of organisch gebonden tritium (o.a. tritiumverf).
HT wordt gebruikt in bètalights voor verlichtingsdoeleinden (in wijzer-instrumenten). HT dat als een inert gas is te beschouwen wordt vrijwel niet in het lichaam opgenomen. Het stralingsrisico wordt gevorm door uitwendige blootstelling van de longen. Voor het in de atmosfeer vrijkomende HT kan, afhankelijk van de klimatologische omstandigheden een klein deel worden omgezet in HTO.
HTO kan via inhalatie, via opname door de huid, via wonden of via ingestie in het lichaam worden opgenomen en vermengt zich binnen enkel uren met het lichaams- water. In bètalights komt voor een gering percentage het tritium voor als HTO.
De biologische halfwaardetijd bedraagt voor een volwassene ongeveer 10 dagen.
2. Maatregelen bij besmetting
a. Wassen
Indien een persoon uitwendig is besmet met HTO, kan een bepaald deel van deze besmetting worden verwijderd door vrijwel onmiddellijk na de blootstelling de huid af te spoelen met lauwwarm water. Indien de tijd tussen de blootstelling en afspoelen meer dan ongeveer 5 minuten bedraagt, is de dosisreductie nog maar gering.
Indien de besmetting het gevolg is van huidcontact met tritiumverf (organisch gebonden tritium), dan kan tot 30 minuten na contact door wassen een dosisreductie tot een factor 10 worden bereikt.
b. Urinemonster nemen
deugdelijk verpakt verzenden naar het adres vermeld in punt 3.b
c. Bureau SBD waarschuwen
SBD in NL: 0346-217888 en 0800-7777888
SBD vanuit buitenland: +31653179122
MDTN: *06-550-7888
d. Noteren
e. Evt. vervolgacties (zie punt 3) i.o.m. CEMG/Cluster Straling en bureau SBD
CEMG/Cluster Straling: 035 5774533 (medische stralingshygiëne), 035-5774548
(secretariaat) of 06 65140277 (semadigit)
Bureau SBD 0346-217837, MDTN *06-550-7837
3. Richtlijnen voor de behandeling
Een opname van tritium waarbij een effectieve dosis kan worden verwacht van 20 mSv of meer (resultaat van een opname van HTO van ca. 1 gigabecquerel, 1 GBq) is aanleiding om maatregelen te nemen, gebaseerd op het feit dat door toedoening van water de biologische halfwaardetijd 'verkleind' wordt middels versnelde afvoer uit het lichaam. De noodzaak tot een dergelijke handeling wordt i.o.m. CEMG/Cluster Straling bepaald.
De urinemonsters moeten worden gezonden aan:
NRG-Arnhem
Postbus 9034
6800 ES Arnhem
Bezoekadres: Utrechtseweg 310, Arnhem
tel. 026-356 8569
fax. 026-356 8539
Bezoekadres: NRG-Gebouw B48, Utrechtseweg 310, Arnhem
(zie punt 6171)
81410 CEMG/Cluster Straling
81411 Telefoonnummers medewerkers Cluster Straling
Telefoon KPN (035; Hilversum)
toestel 577 4533 senior adviseur stralings, medisch
toestel 577 4534 senior adviseur straling, fysisch
toestel 577 4548 secretariaat CEMG
mobiel (+31)(6) 5106 8690 senior adviseur straling, medisch
mobiel (+31)(6) 5106 8767 senior adviseur straling, fysisch
semadigit 06 65140249 Cluster Straling CEMG (24 uur per dag bereikbaar)
81412 Fax- en e-mailnummers CEMG
Fax KPN (035) 577 4530
Fax MDTN (*06 584) 74530
Email CEMG.STBURPROC.COMMANDO.BGGZ.CDC@mindef.nl
81413 Postadres CEMG
Ministerie van Defensie
CEMG
MPC 51T
Postbus 155
1230 AD Loosdrecht
81414 Bezoekadres CEMG
Korporaal van Oudheusdenkazerne
Noodweg 37
1213 PW Loosdrecht
81420 Bureau Stralingsbeschermingsdienst Defensie
81421 Telefoonnummer bureau SBD
KPN 0346 - 217837 (Maartensdijk)
MDTN (*06-550) 7837
81422 Alarmtelefoonnummer bureau SBD, 24 uur per dag bereikbaar
Alarmnummer 0800 - 7777888
Telefoon KPN 0346 - 217888 (Maartensdijk)
MDTN (*06-550) 7888
81423 Fax- en emailnummer bureau SBD
KPN 0346 - 217848 (Maartensdijk)
MDTN (*06-550) 7848
Email SBD@mindef.nl
81424 Postadres bureau SBD
Ministerie van Defensie
Bureau SBD
Postbus 382
3720 AJ Bilthoven
81425 Bezoekadres bureau SBD
Nieuwe Weteringseweg 229
3737 MH Maartensdijk
Tabel 15.1
|
Radionuclide |
A2-waarde (TBq) |
A2-waarde (TBq) |
Activiteitsconcentratie voor vrijgestelde stoffen (Bq/g) |
Grenswaarde voor de activiteit van een vrijgestelde zending (Bq/g) |
|
H |
Waterstof-3 of tritium (T) (inclusief OBT (2)) |
40 |
40 |
1E+6 (1) |
1E+9 |
|
Co |
Kobalt-60 |
0.4 |
0.4 |
10 |
1E+5 |
|
Ni |
Nikkel-63 |
40 |
30 |
1E+5 |
1E+8 |
|
Kr |
Krypton-85 |
10 |
10 |
1E+5 |
1E+4 |
|
Sr |
Strontium-90+ (3) |
0.3 |
0.3 |
1E+2 |
1E+4 |
|
Cs |
Cesium-137 |
2 |
0.6 |
10 |
1E+4 |
|
Pm |
Promethium-147 |
40 |
2 |
1E+4 |
1E+7 |
|
Rh |
Rhenium-187 |
onbeperkt |
onbeperkt |
1E+6 |
1E+9 |
|
Th |
Thorium-232+ |
onbeperkt |
onbeperkt |
10 |
1E+4 |
|
Sr |
Strontium-90+ (3) |
0.3 |
0.3 |
1E+2 |
1E+4 |
|
Am |
Americium-241 |
10 |
1E-3 |
1 |
1E+4 |
|
Ra |
Radium-226+ |
0.2 |
3E-3 |
10 |
1E+4 |
|
U |
U-natuurlijk en U-verarmd sec (3) |
onbeperkt |
onbeperkt |
1 |
1E+3 |
(1) 1E+6 is de verkorte notitie voor 1 x 106 (= 1.000.000)
(2) OBT: organisch gebonden tritium (bv tritiumverf)
(3) "+" en "sec" betekent dat de dochternucliden zijn meegerekend bij de
risicobepaling, maar bij evenwicht alleen getoetst wordt aan de waarde van het
moedernuclide
Tabel 15.2
|
Aggregatietoestand van de inhoud |
Instrument of voorwerp |
Stoffen |
|
|
Grenswaarde per instrument |
Grenswaarde per collo |
Grenswaarde per collo |
|
Vaste stoffen: in speciale toestand in andere vorm |
|
|
|
| Vloeistoffen |
1E-3 A2 |
1E-1 A2 |
1E-4 A2 |
|
Gassen Tritium in speciale toestand in andere toestand |
2E-2 A2 |
2E-1 A2 |
2E-2 A2 |
(1) 1E-2 is de verkorte notitie voor 1 x 10-2 (= 0.01)
Toelichting bij de tabellen
De in tabel 15.1 genoemde A1 en A2-waarden dienen voor de berekening van de
grenswaarden in tabel 15.2. De grenswaarde voor vrijgestelde zending in tabel
15.1 is de waarde waaronder onbeperkt en zonder maatregelen transport kan plaats
vinden. In de tabel zijn de bij Defensie gebruikte nucliden vermeld.
Indien een instrument wordt vervoerd dat een activiteit heeft onder de waarde vermeld in de kolom ‘Grenswaarden per instrument / voorwerp’ van tabel 15.2 kan dit instrument worden vervoerd als vrijgesteld collo (e.e.a. afhankelijk van het stralingsniveau aan de buitenzijde van de verpakking). In de Vervoersvoorschriften gevaarlijke Stoffen (VGS) staat vermeld waar een vrijgesteld collo aan moet voldoen.
Een aantal instrumenten of voorwerpen kan in één collo worden samengepakt. Hierbij mag de grenswaarde van de kolom ‘Grenswaarden per collo’ van tabel 15.2 niet worden overschreden.
Er worden speciale eisen gesteld aan de verpakking (het collo). De vrijgestelde colli met beperkte hoeveelheden radioactieve stoffen dienen te zijn voorzien van een label met de aanduiding ‘UN 2910’, vrijgestelde colli met instrumenten dienen te worden voorzien van een label met de aanduiding ‘UN 2911’. Er zijn voor deze colli geen verdere bepalingen voor de etikettering. In de documenten van de vervoerder dient zich informatie te bevinden over de te vervoeren stoffen en de vermelding UN 2910 of UN 2911. Zie hiervoor de MP 40-20 of bel bureau SBD of het bureau vervoer gevaarlijke stoffen van de CLAS.
Een praktijkvoorbeeld: In één collo kunnen 60 kompassen worden samengebracht zonder melding. Wel wordt aan het collo eisen gesteld en moet op het collo de aanduiding ‘UN 2911’ worden vermeld.