Hoofdstuk 8 Muzikaal eerbetoon

(notenschrift en titels inspectie-, defileer-, regiments- en onderdeelsmarsen: zie bijlage F)

1. Eremuziek en (ere)signalen

De onderstaande eremuziek en eresignalen behoren tot het muzikaal eerbetoon:

  1. Wilhelmus of de eerste vier maten van het Wilhelmus;
  2. 1º. parademars (Marsch van den jongen Prins van Friesland), (de eerste 8 maten);
    2º. parademars (KM);
  3. parademars:
    1º. voor klaroen, signaalhoorn en trompet in bes;
    2º. voor trompet in es;
    3º. voor trom;
  4. dodenmars:
    1º. voor klaroen, signaalhoorn en trompet in bes;
    2º. voor trompet in es;
    3º. voor trom;
  5. inspectiemars Marsch van den Heer Van der Duyn;
  6. het volkslied (of een gedeelte daarvan) van een buitenlandse natie;
  7. ereroffels*, gevolgd door het volkslied van een buitenlandse natie;
  8. ereroffels*, gevolgd door de eerste acht maten van de parademars (Marsch van den jongen Prins van Friesland);
    * Indien geen tamboer is ingedeeld, kunnen ereroffels worden vervangen door een overeenkomstig aantal malen het signaal geeft acht;
  9. een defileermars tijdens een defilé;
  10. signaal vaandelmars, gevolgd door de eerste vier maten van het Wilhelmus, bij het in- en uittreden van een vaandelwacht;.
  11. bij de vlaggenparade van de KM wordt tijdens het hijsen en neerhalen van de vlag de vaandelmars gespeeld;
  12. signaal de mars*, gevolgd door de eerste vier maten van het Wilhelmus, als eresignaal bij het in- en uittreden van een standaardwacht;
    * Het commando voor de mars luidt: MUZIEK - DE STANDAARDMARS;
  13. signaal openen van de ban;
  14. signaal sluiten van de ban;
    voor trom en klaroen zijn de signalen identiek aan het openen van de ban, voor trompet in es geldt: eventueel vierstemmig opgebouwd, indien voldoende muzikanten zijn ingedeeld;
  15. signaal bij de vlag;
  16. signaal doorgaan na het hijsen en neerhalen van de vlag;
  17. signaal taptoe (infanterie, bereden wapens en trom), indien gespeeld tijdens een dodenherdenking; tijdens een officiële (doden)herdenking en begrafenis met militair eerbetoon worden uitsluitend de signalen taptoe en voorwaarts gespeeld; het signaal Last Post wordt uitsluitend tijdens geallieerde herdenkingen ten gehore gebracht;
  18. signaal voorwaarts, indien gebruikt bij een dodenherdenking (na het signaal taptoe); zie ook hoofdstuk 21, § 3, onderdeel g en § 4, onderdeel d;
  19. signaal geeft acht (eventueel als vervanging van ereroffels);
  20. signaal reveille;
  21. signalen, specifiek in gebruik bij de KM:
    1º. aftrap;
    2º. al is ons prinsje;
    3º. appèl voor de muziek;
    4º. de jagers van Van Dam;
    5º. gewapend appèl;
    6º. ongewapend appèl (alle hens);
    7º. stil;
    8º. vuren;
    9º. vastvuren;
    10º. attentieroffel KM;
    11º. attentiestoot KM.

2. Het Wilhelmus

a. Algemeen

1°. het Wilhelmus wordt slechts één keer per plechtigheid ten gehore gebracht; wanneer tijdens een plechtigheid verschillende momenten voor het spelen van het Wilhelmus mogelijk zijn, wordt gekozen voor de laatst mogelijke optie; na het spelen van het Wilhelmus is het onjuist tijdens dezelfde ceremonie, in aanwezigheid van de parade-inspecteur, nog een ander muziekstuk ten gehore te brengen;
2°. tijdens het spelen van het Wilhelmus wordt de eregroet gebracht / het geweer / de sabel gepresenteerd, doch nimmer met het vaandel gegroet, behoudens in situaties zoals vermeld in hoofdstuk 5, § 5.

b. Indien een muziekkorps bij een plechtigheid is ingedeeld, wordt het Wilhelmus gespeeld:

1°. bij aankomst van H.M. de Koningin of leden van het Koninklijk Huis of de gouverneurs van de Nederlandse Antillen en van Aruba; het ten gehore brengen van het Wilhelmus* blijft echter achterwege, indien het in daaropvolgend ceremonieel in het spelen van het Wilhelmus reeds is voorzien;
* Zie ook § 5, onderdeel a;
2°. bij vertrek van de onder § 2, onderdeel a, bedoelde vorstelijke personen en autoriteiten, tenzij op dezelfde dag bij aankomst het Wilhelmus* reeds is gespeeld;
* Zie ook § 5, onderdeel b;
3°. bij aankomst dan wel vertrek van een buitenlands staatshoofd, indien H.M. de Koningin of een ander lid van het Koninklijk Huis aanwezig is;
4°. tot besluit van een defilé dat ter ere van de verjaardag van H.M. de Koningin wordt gehouden;
5°. bij een buitengewone vlaggenparade tijdens het hijsen en neerhalen van de vlag (niet tijdens halfstok vlaggen);
6°. als afsluiting van een plechtigheid, waarbij het voorlezen van een KB deel uitmaakt van de ceremonie;
7°. Als afsluiting van een plechtigheid, waarbij inzet is voorzien van een erewacht voor: MP, MINDEF of CDS (Cat 3, 5 of 6, tabel hoofdstuk 10, § 4)
7°. als afsluiting van een plechtigheid, waarbij officieel toegekende medailles worden opgespeld, echter alleen als bedoeld in hoofdstuk 20, § 6 (Uitreiking voor het front van de eenheid) en § 9 (De medal-parade);
8°. als afsluiting van een plechtigheid, waarbij het commando over een eenheid van minimaal bataljonsgrootte (of vergelijkbare eenheid) wordt overgedragen;
9°. als afsluiting van een plechtigheid, waarbij het commando over een regiment of korps (in traditionele zin) wordt overgedragen;
10°. als afsluiting van een herdenking van gevallen militairen, ook indien er geen buitengewone vlaggenparade wordt gehouden;
11°. als afsluiting van een beëdigingceremonie.

c. In de situaties als vermeld bij b. 1°. 2°. en 3°. wordt het Wilhelmus gespeeld als eerbetoon aan H.M. de Koningin of een ander lid van het Koninklijk Huis. Derhalve wordt het Wilhelmus aan het begin van de ceremonie gespeeld, en vervangt deze de ereroffels. In alle andere genoemde situaties (behoudens buitengewone vlaggenparade) wordt het Wilhelmus als afsluiting gespeeld, en ontvangt de paradeinspecteur de gebruikelijke eerbewijzen indien van toepassing.

3. Het Wilhelmus door één trompettist:

Indien onverhoopt geen muziekkorps bij een plechtigheid is ingedeeld, maar wel een trompettist, wordt het Wilhelmus gespeeld:

  1. bij aankomst van H.M. de Koningin of leden van het Koninklijk Huis of de gouverneurs van de Nederlandse Antillen en van Aruba, tenzij in een daaropvolgend ceremonieel het spelen van het Wilhelmus reeds is voorzien;
  2. tot besluit van een defilé, dat wordt gehouden ter ere van de verjaardag van H.M. de Koningin;
  3. tijdens het hijsen en neerhalen van de vlag (niet tijdens halfstok vlaggen);
  4. als afsluiting van een plechtigheid, waarbij het voorlezen van een KB deel uitmaakt van de ceremonie.

4. De eerste vier maten van het Wilhelmus

Wanneer een muziekkorps of een trompettist bij een plechtigheid is ingedeeld, wordt de vaandelmars of de mars gespeeld, gevolgd door de eerste vier maten van het Wilhelmus bij het in- en uittreden van een vaandelwacht.

5. Parademars

Door een muziekkorps wordt de parademars volledig gespeeld:

  1. bij aankomst van H.M. de Koningin of leden van het Koninklijk Huis of de gouverneurs van de Nederlandse Antillen en van Aruba, indien het Wilhelmus in het daaropvolgend ceremonieel gespeeld wordt;
  2. bij vertrek van de in onderdeel a bedoelde vorstelijke personen en autoriteiten, indien het Wilhelmus in het voorgaande ceremonieel op dezelfde dag reeds is gespeeld;
  3. bij aankomst van een autoriteit, die niet als vertegenwoordiger van een mogendheid optreedt, indien daartoe namens of door H.M. de Koningin opdracht wordt gegeven.

Bijzonderheden:
Wanneer de in a. of c. bedoelde autoriteiten ook recht hebben op ereroffels (zie § 10), worden eerst deze ereroffels gebracht, gevolgd door de volledige parademars (uitsluitend: de Marsch van den jongen Prins van Friesland).

6. Inspectiemarsen

Tijdens de inspectie van een erewacht of tijdens de ceremoniële inspectie als bedoeld in hoofdstuk 13, § 5 wordt een inspectie-, defileer-, regiments- of onderdeelsmars gespeeld:

  1. Marsch van den Heer Van der Duyn:
    1º. tijdens plechtigheden waarbij H.M. de Koningin aanwezig is bij de inspectie;
    2º. bij de KM;
  2. de in bijlage G vermelde inspectiemarsen kunnen worden gespeeld:
    1º. bij het desbetreffende korps, regiment of onderdeel;
    2º. indien een onderdeel geen inspectiemars heeft, mag ook de defileer-, regiments- of onderdeelsmars worden gespeeld.

7. Het volkslied van een buitenlandse mogendheid

Het volkslied van een buitenlandse mogendheid wordt ten gehore gebracht:

  1. bij aankomst in Nederland van een staatshoofd;
  2. bij vertrek uit Nederland van een staatshoofd;
  3. bij aankomst in Nederland van een lid van een regerend vorstenhuis;
  4. bij vertrek uit Nederland van een lid van een regerend vorstenhuis
  5. bij aangelegenheden waarbij het internationaal verband tot uiting wordt gebracht.

8. Vier ereroffels gevolgd door het volkslied van een buitenlandse mogendheid

Vier ereroffels gevolgd door het volkslied van een buitenlandse mogendheid worden geslagen en gespeeld bij aankomst van een ambassadeur van een buitenlandse mogendheid, bij het aanbieden van geloofsbrieven, indien hij als zodanig door H.M. de Koningin wordt ontvangen.

9. Eerbewijs alsmede het volkslied van een buitenlandse mogendheid

  1. Vier ereroffels gevolgd door de eerste acht maten van de parademars:
    1º. bij aankomst van een buitenlandse minister-president;
    2º. bij aankomst van een Minister van Buitenlandse Zaken, een Minister van Defensie, een Staatssecretaris van Buitenlandse Zaken, een Staatssecretaris van Defensie of een CDS van een buitenlandse mogendheid (in de rang van admiraal, luitenant-admiraal of generaal, indien de reden van het bezoek een officieel karakter draagt);
    3º. bij aankomst van een hoge autoriteit, indien daartoe uitdrukkelijk opdracht door of namens het staatshoofd of de minister is gegeven.
  2. Nadat de ceremoniële inspectie is uitgevoerd, wordt het volkslied ten gehore gebracht.
  3. Drie ereroffels (of het aan de rang / functie verbonden aantal) gevolgd door de eerste acht maten van de parademars worden gespeeld bij aankomst van een bevelhebber van een krijgsmachtdeel van een buitenlandse mogendheid in de rang van vice-admiraal of luitenant-generaal, indien het bezoek een officieel karakter draagt.

Bijzonderheden:

Het muzikaal eerbetoon voor de in § 8 bedoelde autoriteiten bestaat bij vertrek alleen uit vier ereroffels of signalen geeft acht, indien de ingedeelde muziek nog staat opgesteld.

10. Ereroffels

Ereroffels worden ten gehore gebracht:

  1. door tamboers, bij officiële gelegenheden bij aankomst van autoriteiten; is een tamboer niet beschikbaar, maar wel een muzikant, dan wordt in plaats van het voorgeschreven aantal ereroffels hetzelfde aantal keren het signaal geeft acht geblazen; ereroffels worden altijd onmiddellijk gevolgd door de eerste acht maten van de parademars (uitsluitend: de Marsch van den jongen Prins van Friesland); de met muzikaal eerbetoon ontvangen autoriteiten nemen vervolgens de hun toegewezen plaats in;
    1º. vier ereroffels voor:
    (a) een minister, lid van de Raad van Ministers van het koninkrijk;
    (b) een minister, lid van de Raad van Ministers van de Nederlandse Antillen en van Aruba;
    (c) een staatssecretaris;
    (d) een admiraal;
    (e) een luitenant-admiraal;
    (f) een generaal;
    (g) de secretaris-generaal van de NAVO, de VN, de EU*;
    * Hoge vertegenwoordiger voor het gemeenschappelijke buitenlands- en veiligheidsbeleid, tevens secretaris-generaal van de Raad van de EU.
  2. 2º. drie ereroffels voor:
    (a) een vice-admiraal;
    (b) een luitenant-generaal;
    (c) een gezant;
    3º. twee ereroffels voor:
    (a) een schout-bij-nacht;
    (b) een generaal-majoor;
    4º. één ereroffel voor:
    (a) een commandeur;
    (b) een brigadegeneraal;
    (c) een commodore;
  3. indien twee of meer autoriteiten tegelijk aankomen, wordt uitsluitend het eresignaal gebracht voor degene die recht heeft op het hoogste aantal ereroffels; deze autoriteit brengt de groet;
  4. indien een autoriteit aankomt nadat reeds een eresignaal is gegeven van hogere of gelijke rang, blijft het eresignaal voor hem achterwege* en begeeft hij zich zonder muzikaal eerbetoon naar zijn plaats;
    * De parade-inspecteur krijgt te allen tijde het aan zijn rang verbonden muzikaal eerbetoon en door de aangetreden eenheden wordt het hieraan verbonden eerbewijs gebracht;
  5. een militair, optredend als vertegenwoordiger van het staatshoofd of van overige leden van het Koninklijk Huis of van de gouverneurs van de Nederlandse Antillen en van Aruba, ontvangt in voorkomend geval uitsluitend het eresignaal dat aan zijn rang is verbonden;
  6. uitsluitend de in onderdeel a genoemde burgerautoriteiten kunnen met ereroffels of signalen geeft acht worden ontvangen.

11. Protocol bij het in ontvangst nemen van ereroffels

Om er voor te zorgen dat iedere gerechtigde de voor hem bestemde ereroffel(s) in ontvangst kan nemen, wordt het onderstaande aangeraden:

  1. alle betrokken autoriteiten verzamelen zich op één centrale plaats in de omgeving van de plechtigheid;
  2. als eerste marcheren de autoriteiten die recht hebben op één ereroffel naar de plaats van de plechtigheid, vervolgens zij die recht hebben op twee ereroffels enz.; per groep treedt de hoogste in functie en anders de oudste in rang op als commandant;
  3. indien het aantal autoriteiten zodanig klein is, dat een combinatie van verschillende rangen mogelijk is, marcheert de groep gezamenlijk naar de plaats van de plechtigheid en wordt het aantal ereroffels gecommandeerd waarop de hoogste in functie of rang recht heeft; alleen de hoogste in functie en anders in rang maakt twee verkorte passen voorwaarts en brengt de groet tijdens het in ontvangst nemen van het muzikaal eerbetoon; de eventuele overige autoriteiten sluiten vervolgens aan; verschillende groepen zijn mogelijk, als dat de voortvarendheid van de plechtigheid ten goede komt;
  4. het muziekkorps speelt de ereroffels of signalen geeft acht, gevolgd door de eerste acht maten van de parademars, niet eerder dan nadat de autoriteiten (net binnen het carré) stilstaan en nadat door de paradecommandant daartoe het commando: MUZIEK……(aantal) EREROFFELS is gegeven;
  5. indien een autoriteit is aangemeld, die volgens het protocol recht heeft op hetzelfde aantal of meer ereroffels dan de parade-inspecteur, arriveert deze autoriteit eerder dan de parade-inspecteur en begeeft zich, nadat de ereroffels en de eerste acht maten van de parademars zijn gespeeld, op eigen gelegenheid naar zijn toegewezen plaats; aan het einde van de ceremonie sluit deze autoriteit, direct na het afmelden van de eenheden, zich weer aan bij de parade-inspecteur.

12. Volgorde te spelen volksliederen tijdens internationale plechtigheden

Indien tijdens internationale (militair-ceremoniële) plechtigheden meerdere volksliederen ten gehore worden gebracht, dient het volkslied van het gastland als laatste te worden gespeeld. In Nederland wordt het Wilhelmus dus altijd als laatste ten gehore gebracht, met de volgende uitzonderingen:

  1. Wanneer sprake is van een aankomst- en een vertrekceremonieel (bijv. bij een Staatsbezoek) wordt bij het vertrekcermonieel de volgorde omgedraaid: het volkslied van het gastland wordt dan als eerste gespeeld.
  2. In NAVO-verband is de volgorde van de te spelen volksliederen die van de eerste letter van de namen van de desbetreffende landen in de Engelse taal.
    N.B.Tijdens overige andere internationale gelegenheden is de volgorde van de overige volksliederen afhankelijk van de eerste letter van de namen van de desbetreffende landen in de Franse taal, zie
    Bijlage C.

Naar hoofdstuk 9