De uitreiking van een ordeteken van de Militaire Willemsorde geschiedt overeenkomstig de desbetreffende bepalingen in de Herziene Wet op de Militaire Willemsorde van 30 april 1815 en in het Reglement op de Militaire Willemsorde. De met de uitreiking belaste autoriteit zal voor het te volgen ceremonieel overleg plegen met het Kapittel van de Militaire Willemsorde en zich daartoe in verbinding stellen met de Kanselier der Nederlandse Orden te Den Haag.
De uitreiking van deze onderscheiding geschiedt in beginsel:
De uitreiking van deze onderscheiding vindt (niet voor het front van een aangetreden eenheid) plaats op 6 december of de eerstvolgende werkdag na deze datum.
Bijzonderheden: Bovenstaande ceremonie kan met een bereden standaardwacht op overeenkomstige wijze worden uitgevoerd.
Na de ceremoniële inspectie verloopt de medal-parade als volgt:
| parade-inspecteur | houdt een toespraak en treedt na afloop van die toespraak naar linksachter uit; |
| paradecommandant | GEEFT - ACHT; |
| officieradjudant | leest de MB voor; |
| paradecommandant | commandeert aansluitend: OP DE PLAATS - RUST; |
| muziek | brengt muziek ten gehore |
| parade-inspecteur | begeeft zich naar de ter hoogte van de parade-commandant opgestelde militairen en speldt hun persoonlijk de onderscheiding op en keert terug naar zijn plaats bij de katheder; |
| paradecommandant | commandeert aan de links en rechts van hem opgestelde militairen: INTREDEN; |
| gedecoreerden | begeleiden de VIPS bij de nog te decoreren personen; |
| parade-inspecteur | verzoekt het Wilhelmus ten gehore te laten brengen; |
| paradecommandant | commandeert achtereenvolgens: GEEFT - ACHT, BRENGT ERE - GROET en: MUZIEK - WILHELMUS en na afloop hiervan: IN DE HOUDING - STAAT en: OP DE PLAATS - RUST; |
| parade-inspecteur | verzoekt de paradecommandant om de aangetreden eenheid af te melden; |
| paradecommandant | GEEFT - ACHT en het eerbewijs, zoals bepaald in hoofdstuk 13, § 4, begeeft zich naar de parade-inspecteur en meldt de aangetreden eenheid af; |
| parade-inspecteur | verlaat samen met de andere autoriteiten en zijn officieradjudant de plaats van de plechtigheid; |
| paradecommandant | OP DE PLAATS - RUST, op het moment dat de parade-inspecteur uit het zicht van de aangetreden eenheid is verdwenen; de eenheid is nu ter beschikking voor een aansluitende activiteit of is ter beschikking van de paradecommandant. |
alleen van toepassing, indien aan de uitzendvlag(gen) een vlaggenband(en) word(en) gehangen:
| paradecommandant | medaille-uitreiking gereed: ik laat de uitzendvlag(gen) uittreden; |
| paradecommandant | UITZENDVLAG(GEN)* - UITTREDEN; |
| vlaggendrager(s) | begeeft zich met de uitzendvlag(gen) zonder begeleiding naar de paradecommandant, overhandigt hem de uitzendvlag en stelt zich vervolgens vijf passen ter linkerzijde van de paradecommandant op, front naar de open zijde van het carré; |
| paradecommandant | ontvangt de uitzendvlag en plaatst deze met de stok vóór en tegen de punt van zijn rechtervoet, gezicht naar de parade-inspecteur; |
| C-OPCO of zijn vertegenwoordiger | begeeft zich naar de uitzendvlag en bevestigt de vlaggenband zoals bedoeld in hoofdstuk 3, § 12, onderdeel f, aan de uitzendvlag, waarbij de paradecommandant de vlaggenstok zover naar voren laat hellen (zonder te neigen) als nodig is voor het vastmaken van de vlaggenband; de C-OPCO keert daarna terug naar zijn plaats; |
| vlaggendrager | meldt zich wederom bij de paradecommandant en neemt de uitzendvlag weer in ontvangst; |
| * Bij meerdere uitzendvlaggen deze handelingen herhalen; | |
| paradecommandant | UITZENDVLAG(GEN) - INTREDEN en na het intreden: OP DE PLAATS - RUST; |
| parade-inspecteur | verzoekt het Wilhelmus ten gehore te laten brengen; |
| paradecommandant | commandeert achtereenvolgens: GEEFT - ACHT, BRENGT ERE - GROET en: MUZIEK - WILHELMUS en na afloop hiervan: IN DE HOUDING - STAAT en: OP DE PLAATS - RUST; |
| parade-inspecteur | verzoekt de paradecommandant om de aangetreden eenheid af te melden; |
| paradecommandant | GEEFT - ACHT en het eerbewijs, zoals bepaald in hoofdstuk 13, § 4, begeeft zich naar de parade-inspecteur en meldt de aangetreden eenheid af; |
| parade-inspecteur | verlaat samen met de andere autoriteiten en zijn officieradjudant de plaats van de plechtigheid; |
| paradecommandant | OP DE PLAATS - RUST, op het moment dat de
parade-inspecteur uit het zicht van de aangetreden eenheid is verdwenen; de eenheid is nu ter beschikking voor een aansluitende activiteit of is ter beschikking van de paradecommandant. |
Indien een onderscheiding postuum is toegekend, wordt in overleg* met de
Maatschappelijke Dienst Defensie (MDD) en de familie van betrokkene bepaald, hoe
en aan wie de bij de onderscheiding behorende medaille zal worden overhandigd.
* Op basis van de eventuele wilsbeschikking van de overledene of de wens van de
betrokken nabestaanden.